Archive forJanuary, 2007

Intermezzo 2: Jilles en Ingeborg en de chocoladefabriek

Er waren eens een jongen en een meisje die samen op reis waren in een land hier heel ver vandaan. In dit land stond een grote chocoladefabriek, die alleen toegankelijk was voor een aantal mensen. Het geluk wilde dat de jongen en het meisje tot deze groep behoorde. Zij waren uitverkoren om de chocoladefabriek van binnen te bekijken. Eenmaal binnen week de geur van chocolade niet van hun zijde… De zoete geur toverde een grijns op hun gezicht. De chocolade lag er voor het oprapen en dat verzamelden ze dan ook gretig in hun zakken. Toppunt van de spannende ontdekkingstocht door de fabriek was een metershoge chocoladewaterval… Ze moesten zelfs een paar stappen achteruit doen om niet besprenkeld te worden met de vloeibare chocolade! Met hun zakken volgeladen met alle mogelijke soorten chocolade en besmeurd van oor tot oor verliet het tweetal de fabriek. Verschillende getuigen verklaren het tweetal, nog enkele uren nadat ze de fabriek hadden verlaten, gelukzalig in de lucht te hebben zien staren, al kauwend op een reep chocola. Andere bronnen vermelden dat de betovering inmiddels weer verbroken is en de jongen en het meisje nu weer hun “normale leven” hebben opgepakt.

Comments (2)

Dag 67: Dolfinarium! (Update, nu met foto’s!)

En Jilles zag dat het goed was!Wow! We hebben weer een paar fantastische dagen achter de rug! Invercargill bleek inderdaad heel saai! De top attractie was het tropische zwemparadijs, op de voet gevolgd door het museum van het zuiden, dat gevuld was met:

  • Een zaaltje met Maori meuk.
  • Een zaaltje met wat mooie foto’s van Nieuw Zeelands landschap.
  • Een zaaltje met houten kunstwerken van een (zeg maar dé) locale artiest.
  • Een zaaltje met daarin 4 Tuatara’s in elk hun eigen terrarium. Tuatara’s zijn familie van de dino’s en (gek genoeg) bijna uitgestorven.

En dat was dan weer dat.

Zwemmen in zuidpool water.... brrrrrr!De dag daarna zijn we naar Curio Bay gefietst, alwaar we een kamertje geboekt hadden in een backpackers. In Curio Bay was het cool!

Toen we er krap een uur waren hadden we al Hector dolphins (de zeldzaamste en kleinste dolfijnsoort van de wereld) in de branding zien spelen, en vanaf daar werd het alleen maar beter!

Versteend houten brug (of toch niet?)We hebben een 180 miljoen jaar oud versteend bos bekeken, nog meer dolfijnen in de branding zien spelen, gezwommen in ijskoud zuidpool gekoeld water, heel zeldzame yellow eyed pinguins aan land zien komen en ijsjes gegeten! De wind kwam uit het zuiden dus de golven die op de rotsen sloegen waren echt heel indrukwekkend!

Tussen al dat gaafs door was er ook nog tijd om in de hangmat te liggen, vriendjes te maken met de 9 andere bewoners van de backpackers, boekjes te lezen en van het uitzicht te genieten.

.

A room with a view (and what a view!)Vandaag hebben we een heel mooi stuk wereld doorgefietst naar Owaka, waar we nu dus zijn. Een route met een paar heel steile klimmetjes grotendeels door regenwoud en dus heel groen en heel mooi. De zon schijnt ook al min of meer de hele dag (wat ie overigens bijna alle dagen doet, in tegenstelling tot de indruk die we blijkbaar wekken).

Morgen gaan we door richting Milton, en de dag daarna hopen we Dunedin te bereiken. Foto’s bij dit verhaal komen zodra uploaden weer eens kan.

Comments

Dag 63: The sound of silence (Update)

Jilles in de kayakSinds Queenstown weer een hoop gebeurd. Tijdens een welverdiende rustdag hebben we de kilometers even laten zakken en hebben we ons vooral bezig gehouden met het herstellen van Jilles fiets (drager+tas) en humeur :) . Het weer was supergoed, dus met een ijsje op de zere plek is Jilles al snel te sussen… Nadat we weer konden lachen en lopen de dag daarna de bus genomen naar Te Anau, vanuit waar we direct zijn doorgefietst naar het minder drukke en minder toeristische Manapouri. Wist u dat: Lake Manapouri het een-na-diepste meer is van Nieuw Zeeland en dat daarin het grootste eiland, in een meer, op het zuidelijk halfrond ligt! Iets om trots op te zijn, niet? (voor de duidelijkheid: alles is hier op twee/drie/vier na mooist/grootst/kleinst/diepst van het land/dorp/zuidelijk halfrond/wereld, erg grappig…! Toppunt daarvan was het “ninth oldest wooden ship in the world”!)

Blauwe luchtVanuit Manapouri hebben we een “overnight cruise” (klinkt chique, valt mee) gemaakt op de Doubtful Sound, een van de fjorden in het zuidwesten van Nieuw Zeeland. Dat was een erg geslaagd tripje! Zo doe je weer eens wat anders dan fietsen, lekker varen. Het was echt schitterend! Totaal afgezonderd. Het weer was aardig, droog en wat bewolking op de eerste dag. We hebben toen ook een stukje gekayakd, of eigenlijk geprobeerd met een kayak de sandflies te ontwijken :) . Op de tweede dag regen. En dat was zelfs beter, want door de regen onstaan er aan alle kanten watervallen die van tientallen meters naar beneden komen kletteren. Echt een heel mysterieuze sfeer. We hebben het echt superleuk gehad, ondanks dat het een beetje een oude-lullen activiteit leek… Bovendien was het eten op de boot echt fabuleus goed en konden we maar niet stoppen met ons bord bijvullen van het enorme buffet en dessertbuffet!

Aarde, water, wolken, lucht.. mooi!Nadat we weer met beide benen op de grond stonden en terug waren in Manapouri zijn we vanuit daar verder afgedaald naar het zuiden richting Tuatapere. Nu zijn we in Riverton en hier hebben we Anke en Teun weer ontmoet, die langs dezelfde zuidkust de andere kant op aan het fietsen waren (met wind tegen). Morgen fietsen we door (hopelijk met wind mee) naar Invercargill.

Mooist![update] Inmiddels zitten we in Invercargill, volgens de LP de saaiste stad van Nieuw Zeeland, en dan moet je als stad echt je best doen! Morgen gaan we de Catlins in, heel mooie natuur, en een grote kans op dolfijnen en zeldzame pinguins slechts sporadisch onderbroken door een buitje. Als het goed is hebben we de hele weg wind mee! Momenteel is het hier zonnig, wat handig is, want het schijnt dat we dan vanavond een of andere komeet kunnen zien.

Comments

Dag 58: Fietsen totdat je (benen-bagagedrager-fietstassen)* eraf vallen.

Na onze marathon fietstocht vanaf Mount Cook (berg en dorp) hadden we blijkbaar de smaak van het fietsen eens goed te pakken! We besloten niet af te zakken naar de oostkust (ons oorspronkelijke plan) maar via de Lindis pass richting Queenstown en Fiordland national park te gaan… alles op de fiets!

De opgang naar Lindis pass. (Ingeborg is moe!)We begonnen goed, met een monstertocht van 15 km van Buscot station naar Omarama, we voelden ons nog niet helemaal fit genoeg om meteen 100 km door te trekken over de Lindis pass en zo hadden we ook meteen tijd om onze fietsen eventjes te servicen. De volgende dag was het gelukkig een stuk beter, beetje zon, veel wolken, maar gelukkg niet al te dreigende exemplaren. Met tassen vol proviand -de 85 km naar de volgende overnachting was totaal gespeend van faciliteiten voor hongerige en dorstige fietsers- gingen we op weg. Natuurlijk ging het een beetje regenen onderweg, maar niet al teveel. We hebben wel kunnen ervaren dat er heel veel te zeggen valt voor regenkleding die binnen 10 tellen aan te trekken is terwijl je met 1 hand je fiets overeind houdt. Vooral voor die dagen dat je afwisselend door een sappig (maar koud!) zomerbuitje of in de brandende zon fietst. De fietstocht was zwaar, maar onwijs mooi! Vette bonus was de 11 km rollen na de top, na 4 km had ik nog steeds niet opgeschakeld :-) . Killer van de dag was de 4 km gravel aan het eind van de dag naar de Phil’s budget backpackers, overigens de duurste waar we ooit geslapen hebben buiten Wellington. Phil was een beetje een ranzig mannetje maar gelukkig waren er ook Barry, een be-baardde kiwi van 70 en Patrick, zijn be-baardde Canadese lifter van 25. Coole gasten waarmee we de dag erna nog genoten hebben van een koffietje in downtown Tarras.

The road to Lindis pass.De dag erna hoefden we maar 35 km naar Cromwell, een rustig dagje met een suf dorp aan het eind. Het was inmiddels wel warmer dan we het ooit gehad hebben in Nieuw Zeeland, bijna 30 graden!

In verband met de (verwachtte) warmte besloten we vroeg op te staan voor de laatste 65 km naar Queenstown. Het beloofde een mooie, niet al te zware tocht te worden, door de Kawarau gorge, langs de geboortebrug van het bungyjumpen. Uiteindelijk spanden de wind, de heuvels, en de kilometers die we al in onze benen hadden samen om het toch nog een vrij zware tocht te maken, maar mooi was ie wel!

Halverwege de dag bleek helaas dat het rare geluid dat ik achter me hoorde als ik over hobbels ging veroorzaakt werd door een afgebroken achterbagagedrager… Aiiii… Geloof, hoop en tie-wraps maakten hem in ieder geval weer bruikbaar tot in Queenstown, alwaar ik op zoek zou moeten naar alweer de 3e achterdrager voor deze fiets.

Niet veel later besloot de wereld achter me nogmaals rare geluiden voort te brengen nadat ik een klein bultje nam. De bron van het geluid werd meteen duidelijk toen ik links werd ingehaald door een van mijn achtertassen! Natuurlijk zat er iets hards onderin mijn tas, dus toen ik mijn tas uit de goot gevist had kon ik zo mijn kleren zien zitten door de bodem heen!

Bergen, zon, strand... wat wil je nog meer!Nu zijn we in Queenstown, extreme sports capital of the world! Het goede nieuws: Ze verkopen hier supersjieke achterdragers en de schoenmaker is bijkans gespecialiseerd in het repareren van scheuren in voorheen waterdichte tassen. Er is hier een absurde hoeveelheid meer of minder extreme activiteiten in de aanbieding: Bungyjumpen van 35 a 200 meter, skydiven, jetboaten, matchracen in een america’s-cup boot, cruisen op een oude stoomboot, canyonen, wandelen, rivier-bodyboarden, white- en blackwater raften, gloeiwormpjeskijken, Kiwi’s (de vogel) kijken, fruit plukken…. verzin het en het kan hier. Ingeborg en ik houden het op chillen op het strand, ijsjes eten, lekkere koffietjes drinken en mensen kijken op terrasjes.
*) kies wat van toepassing is

Comments (1)

Dag 53: Even better than the real thing?

Gistermiddag zijn we met de bus in Mount Cook (het dorpje) aangekomen. Het was erg bewolkt, en een beetje regenachtig, maar tijdens een korte wandeling in/om het dorpje konden we wel genieten van de imposante bergwanden die om ons heen in de wolken verdwenen… Jammer, dachten we, maar we wisten dat de weersvoorspellingen niet zo goed waren. We hadden al geluk met een beetje regen in plaats van de voorspelde onweersbuien. Mount Cook (de berg) was zeker niet te zien, verstopt als ie was achter een ondoordringbare bruidssluier van regen.

Mount Cook (het dorp) is een alpinistendorp, dit in tegenstelling tot het skidorp dat ik verwacht had. Wat betekent dat? Welnu: de locals hebben wel duurder equipment dan jij, ze zijn nog steeds beter dan jij, er is geen supermarkt (iedereen heeft blijkbaar toch poedervoedsel uit de outdoorwinkel), er is een boek bij het visitorscentre met daarin een kort stukje over iedereen die ooit de dood heeft gevonden op Mount Cook (de berg) sinds 1877 en er zijn maar twee kroegen (uiteraard wel de duurste die we ooit bezocht hebben).

De volgende ochtend werden we al vroeg wakker van alle alpinisten die voor 7 uur onderweg wilden zijn. (Gek genoeg was het om 22u al muisstil in het hostel). Langzaam kwamen we zelf ook in actie, en gelukkig wierpen we vrij snel een blik uit ons raam:

Mount Cook!

Ok… deze foto is niet uit ons raam genomen maar 25 km verderop… Dat neemt niet weg dat we vanuit ons raam zicht hadden op een strakblauwe hemel, links, rechts en recht voor ons afgezet met be-gletscherde bergen. Meteen zijn we naar het andere eind van Mount Cook (het dorp) gewandeld om Mount Cook (de berg) ook te bekijken… en hij is stoer! Een enorme piek, heel scherp sinds de helft van de top ergens in 1995 naar beneden kwam, stevig gefundeerd in een stel grote wit/blauw/grijze Gletschers afgezet tegen een strak blauwe lucht. Vet!

Mount Cook 56 km (2,5u) later.We hebben vaak omgekeken tijdens de fietstocht van de berg weg (over de bergweg haha) en onder andere bovenstaande foto gemaakt. Hoeveel mazzel we hadden met die strak blauwe hemel was rond half een te zien. Toen waren we bij de Mount Cook lookout, en was dit er nog maar van over. (Mount Cook staat ergens links van de regenbui).

Comments (1)

Dag 51: modder, hot springs en uitdroging

mountain bikenNa ons niet-whale-watch-avontuur in Kaikoura zijn we met de bus naar Hanmer Springs gegaan. Hanmer Springs is een dorpje dat bekend staat om zijn hot springs. We hebben daar twee nachten gekampeerd bij een backpackers, gerund door twee Nederlanders. De tweede dag dat we daar waren hebben we mountain bikes gehuurd en zijn we een rondje gaan mountain biken in het Hanmer Forest. De afgelopen paar dagen was het weer heel zonnig en zomers geweest, maar natuurlijk kon dat niet aanhouden en had het de nacht voor onze mountainbiketocht weer geregend. Gevolg: een vrij modderig parcours. Verder bleek dat we dan misschien geoefende wegfietsers zijn, maar dat we nog een beetje moeten oefenen met off road mountain biken. Soms leek het meer een wandeltocht… Nee, het was een succes, we hebben lekker geploeterd in de modder. En toen we de fietsen terugbrachten zagen we er bijna uit alsof we echt wat gedaan hadden. ’s Middags hebben we het rustiger aan gedaan en zijn we naar de hot pools gegaan. Een soort zwemparadijs met allerlei verschillende baden. Warm, koud, met mineralen, zonder mineralen. Lekker relaxen en opwarmen, goed voor de spiertjes!

met ducktape gepimpt bordVanuit Hanmer hebben we gefietst naar Waikari. Daar was weer een speciale B&B voor fietsers; cyclists retreat. Dat soort initiatieven kunnen we alleen maar aanmoedigen natuurlijk! Dus dat was ons doel. De B&B werd gerund door Julia & Brian. Zelf ook twee ervaren (ex) tourfietsers. Het “pasopvoorfietsers” bord is overigens door Brian zelf aangepast door er met ducktape fietstassen, bidons en andere bagage op te plakken.

Erg vriendelijke mensen, die als doel hebben mensen eens een kijkje te laten nemen in een kiwi huis. Bij aankomst konden we zo aanschuiven bij de afternoon tea met fantastische zelfgebakken bananencake (fam de Haan: geen boter te zien!) en christmas cake! Vervolgens kregen we een tour over het erf. Ze hadden kippen, eenden, schapen en een stukje bos en een hele mooie tuin en een nog mooier uitzicht! Na de tour begon Jilles zich serieus beroerd te voelen (het was al niet zo best bij aankomst)en dat hield stand tot de volgende ochtend. Waarschijnlijk was het het gebrek aan water (het was erg heet onderweg) en het gebrek aan een goeie lunch. Toen we ’s avonds bij de familie (de kleinkinderen logeerden een aantal weken bij op opa en oma tijdens de schoolvakantie) mochten aanschuiven voor het avondeten, moest Jilles overslaan en is hij op bed gaan liggen, terwijl ik erg leuk heb zitten kletsen met Julia & Brian. En het eten was echt geweldig trouwens. Jilles heeft de hele avond nog op bed gelegen met bibbers en buikpijn en een beetje koorts. Julia & Brian waren erg bezorgd en wilden allerlei drankjes en eten voor Jilles maken om iets te kunnen doen, maar niks was uiteindelijk het beste dat ze hem konden geven.

Julia & BrianDe volgende dag ging het gelukkig al weer wat beter en hebben we wel met z’n allen ontbeten. Jilles voelde zich goed genoeg om door te fietsen en dat hebben we dus gedaan; naar Amberley. Vanuit daar hebben we uiteindelijk een bus genomen Christchurch in om het veel te drukke verkeer te mijden.

Nu zijn we in Christchurch. We blijven hier niet zo lang, aangezien we hier aan het einde van onze reis weer uitkomen en hiervandaan vliegen. We gaan hier morgen dus weer weg en laten ons dan afzetten op Mount Cook. Vanuit daar gaan we weer naar de oostkust fietsen. Het landschap rondom Mount Cook schijnt fantastisch te zijn! Daarover snel meer!

Comments

Dag 46: Thar she blows!

De zuidenwind (southerly voor insiders) die ons tijdens de overtocht van Wellington naar Picton al lastig viel bleek nog niet klaar met ons. We vertrokken met licht bewolkt weer en bijna geen wind uit Picton, maar ruim een uur fietsen verderop bleek dat de wind niet weg was maar alleen maar afgeschermd werd door de heuvels rondom Picton.

Peddallers rest stop, Ure / Waima riverHet gevolg was dat we na een lekker koffietje in Blenheim nog ruim 3,5 uur tegen de wind (storm zeggen mag ook) in naar het zuiden geploeterd hebben. Waarom waren we zo vasthoudend vraag je je af? Welnu, we hadden een kamertje geboekt in de Pedallers Rest (tweede op die pagina), en daar wilden we heel graag heen. 3,5 uur peddelen zonder ooit verder te komen dan het kleinste blad voor en enkele bijna-van-je-fiets-af-geblazen momenten verder konden we controleren of het de moeitewas…. en dat was het! (gelukkig maar, foto’s volgen nog).

De southerly probeert Jilles op te etenNiemand anders was zo zot om in dit ellendige weer te gaan fietsen op dit stuk, dus we hadden het hele huisje twee dagen voor onszelf. Inclusief houtkachel, honderd Merino lammetjes in de wei eromheen en verse lam voor op de bbq. Twee dagen, want de sterke zuidewind hield het nog een dagje uit dus wij ook.

Gisteren zijn we van de Pedallers rest naar Kaikoura gefietst. Het Mekka voor walvis kijkers. Denk dan maar niet dat wij dus walvissen gaan kijken want het is hoogseizoen dus we hadden een stoeltje in een boot moeten reserveren in de week na de Big-Bang (twee dagen geleden eigenlijk) Jammor!

Alpen aan zee... het kan!De fietstocht naar Kaikoura was overigens fantastisch! rechts besneeuwde bergtoppen (uitzonderlijk voor de tijd van het jaar) links oceaan met af en toe een zeehond (geen walvissen helaas). We merken wel dat er op het zuidereiland minder verkeer is, alleen nog niet zo heel erg, want we zijn momenteel de druktste weg van het zuidereiland aan het fietsen. Vanaf morgen moet dat ook afgelopen zijn, want we gaan landinwaards richting Hanmer Springs.

Zeehonden zoekplaatje!Vandaag hebben we ontbeten bij een organisch café-cum-restaurant recht tegenover de camping. Het is heel leuk om te zien hoeveel minder stoffing (zelfs hip) het imago van organisch eten hier is. Niet geforceerd “goed” bezig geitewollesokkig geneuzel, maar gewoon een heel cool café met leuke muziek, sjieke hippe aankleding en lekker en goed eten. Daarna hebben we een wandeling gemaakt over het Kaikoura peninsula, langs de whalers lookout. Een klif die (de naam zegt het al) vroeger door walvisvaarders gebruikt werd om walvissen te vinden en hun collega’s op zee erheen te dirigeren. We hebben weer geen walvissen gezien, het uitzicht was voornamelijk vol met bootjes, vliegtuigen en helikopters die op zoek waren naar walvissen.

Foto’s volgen als de combinatie jilles+camera+usb-kabel-van-camera+internetcafe zich weer voordoet.

Comments